Column week 31-12: Golven, Kamperen en Kermis

Als je als oosterling naar Noord-Holland moet rijden, ben je verplicht om over één van de dijken te rijden. Of je neemt de noordelijke Afsluitdijk, of je neemt de Houtribdijk bij Lelystad. Welke dijk je ook neemt, vlak voor de dijk krijg je dezelfde vraag: Hoe ligt het IJsselmeer erbij? Zijn er zoals zo vaak golfjes, is het IJsselmeer zoals zelden vlak, of heeft het een slecht humeur en slaan de golven over de kade?

In het weekend voor de wedstrijden in Hoorn bekijk ik altijd de weervoorspellingen en hoop ik dat het cijfertje bij de windkracht niet hoger is dan een 3. Van de wedstrijd in Hoorn heb je een paar zekerheden:

  1. Je komt Hans Beenker om de 10 minuten met een trotse glimlach (en terecht) tegen;
  2. Je weet dat je 2 dagen lang naar de stem van Frits Hoogvorst moet luisteren en
  3. Je weet dat de kermis altijd een week voor of een week na de Ter rede van Hoorn plaatsvindt en helaas nooit tijdens.

Maar 1 ding is altijd onzeker: Hoeveel golven staan er aan de kade bij Hoorn? Je weet het pas op het moment als je als oosterling over één van de twee dijken rijdt.

Ik haat golven en daardoor haat ik soms ook de Ter rede van Hoorn. Daarnaast haat ik kamperen. Ik haat het om midden in de nacht met een wc-rol over het natte gras te lopen. Ik haat het om Chinees te eten op een half kapotte klapstoel met mijn bord op schoot terwijl je buren meezingen tijdens de BBQ met Frans Bauer, Frans Duijts en Frans Bijl. Ik haat het om 5 haringen krom te slaan in de grond om daarna tot de conclusie te komen dat het andere zakje haringen nog thuis ligt. Ik haat het om midden in de nacht wakker te worden van het gezoem van een mug die je al drie keer heeft geprikt maar nog niet genoeg bloed van je heeft gehad en rustig doorzoemt op zoek naar een nieuw plekje om een mooie jeukende bult bij je te maken. Ik haat het om 's ochtends wakker te worden en het koud te hebben omdat je in je slaap half uit je slaapzak bent gerold. Ik haat het om 's ochtends te gaan douchen in een hokje waar je voorganger een halve kilo haar is verloren tijdens het wassen en is vergeten om het uit het doucheputje te halen. Ik haat het om te creperen tijdens kamperen. En ik haat het om brak en moe van het kamperen aan de start te verschijnen terwijl de golven hoog over elkaar op het IJsselmeer en op de kade van Hoorn slaan. Dan zet ik met veel tegenzin mijn badmuts en mijn brilletje op en check ik in om te gaan zwemmen.

Kortom, voor wie het nog niet door heeft: ik haat golven en ik haat kamperen. Maar voor 1 keer per jaar maak ik een uitzondering en dat is voor de Ter rede van Hoorn. Ook al is dat alleen maar om de hele dag te mogen genieten van de stem van Frits Hoogvorst of om Hans Beenker voor de 30e keer tegen te komen en gedag te zeggen terwijl hij zijn trotse glimlach weer op zijn gezicht tovert omdat Ter rede van Hoorn weer een mooie evenement heeft neergezet. Alleen die kermis. Als die nou eens tegelijk viel met de Ter rede van Hoorn. Dan zou ik het er zelfs voor over hebben om een nachtje te slapen in het oude, krakemikkige campertje van Hans.