Column week 6: Ik beken. Ik ga vreemd

De afgelopen weken heb ik flink na zitten denken of ik het ook moest doen. Nadat natuurlijk al die wielrenners een bekentenis hadden afgelegd, de Koningin onthulde dat ze op 30 april toch echt haar kroon aan de Koninklijke wilgen zou hangen en Ranomi Kromowidjojo met een glimlach van oor tot oor bij de NOS onthulde dat PVDH toch echt wel haar nieuwe vriendje was, vond ik dat ik niet achter kon blijven. Ik moet ook mijn geheim onthullen.

Door de titel van deze column hoef ik het bijna niet meer te zeggen, maar ik doe het toch: Ik beken. Ik ga vreemd. Ik ga vreemd en niet zo’n beetje ook. Ik beduvel ‘mijn grote liefde’ keer op keer. Telkens weer kom ik in een bepaalde situatie waarin ik toch de neiging heb om het te doen. Dan weer achter de doeltjes bij de school, dan op de tennisbaan bij de sporthallen of ergens lekker in het bos. Ondanks dat ik niet zonder ‘mijn grote liefde’ kan, moet ik af en toe eens flink vreemdgaan. Ik ben er helemaal niet trots op, maar ik kan het gewoon niet laten. En stiekem walg ik er van. Niets is beter dan ‘mijn grote liefde’. Maar volgens mij gaat iedereen wel eens vreemd.

Ik ben ook helemaal geen goede vreemdganger. Als ik vreemd ga lijkt het net of ik het voor de eerste keer doe. Bij mijn grote liefde weet ik precies wat ik moet doen en welke bewegingen ik moet maken, maar als ik vreemdga lijk ik een beginner, een stuntelaar, een prutser. Dan ben ik hartstikke zenuwachtig. Bang om een foutje te maken en dat iemand kan zien dat ik er eigenlijk helemaal niet goed in ben. Soms heb ik de angst dat ik betrapt word. Ik probeer ook nooit op te vallen als ik vreemd ga. Ik probeer het altijd zo stiekem mogelijk te doen, maar soms val ik bijna door de mand. Net als die keer dat ik stond uit te hijgen, al leunend op mijn auto, en een bekende tegenkwam in het bos. Die keek mij vreemd aan en ik kon niet iets anders uitbrengen dan: 'Je had zeker niet verwacht dat ik dit deed hè?' Een klein glimlachje kwam op zijn gezicht. Ik kan ook niet anders zeggen dan dat het er vast heel raar uit moet hebben gezien: ik in mijn bezwete kleding, een veiligheidshelmpje op mijn koppie (veiligheid boven alles), mijn gezicht rood gekleurd van inspanning. Ik groette hem en zette mijn fiets op de fietsendrager van mijn auto. Net zoals mensen vreemd op zullen kijken als ze mij ineens met een voetbaltenue en voetbalschoenen achter de school bij de doeltjes zien voetballen â la Rafael van der Vaart, of mij in mijn tennisbroek en Adidas-shirt â la Roger Federer een balletje over het net zien slaan. Dat vinden ze niet bij mij passen. Bij mij hoort de kleding die ik bij ‘mijn grote liefde’ hoor te dragen: een zwembrilletje, zwembroekje met soms een badmuts op mijn hoofd.

‘Mijn grote liefde’ heeft mij weer helemaal in haar macht. Ik leef voor haar en voor niets anders. Het voelt heerlijk om weer met haar te zijn als ik een paar dagen zonder haar moet doen. De eerste paar bewegingen zijn stroef, daarna voelt het weer als vanouds. Alsof zij en ik nooit van elkaar vandaan zijn geweest. Ondanks dat ze weet dat ik wel eens vreemd ben gegaan zouden ‘mijn grote liefde’ en ik nooit zonder elkaar kunnen.

Toch kriebelde het afgelopen weken om toch weer vreemd te gaan. Het blijft een mooi gezicht om al dat water in ijs te zien veranderen. Het blijft iets bijzonders om langs de wateren in de karakteristieke dorpjes mensen klaar te zien staan met koek en zopie. Of hoe mensen over grote besneeuwde en bevroren meren over eigen sneeuwvrij gemaakte paden schaatsen. Wat had ik graag even mijn Zandstra-schaatsen uit het vet getrokken en mijn Unox-muts van de kapstok gehaald en op mijn hoofd gezet om net zoals die andere mensen heerlijk een scheve schaats te rijden. Maar ik heb beloofd om niet meer vreemd te gaan en ga mij er nu aan houden. Gelukkig is de dooi ingetreden en warmt het water zich weer op.  Wat overigens wel betekent dat ‘mijn grote liefde’ binnenkort heftige concurrentie krijgt van haar tweelingzus ‘mijn allergrootste liefde: het open water zwemmen. Maar ja, die liefde duurt maar vier maanden per jaar.