Column week 8: Mmmmmm....

Vroeger, toen mijn ouders nog meereisden naar wedstrijden, riep mij moeder om de haverklap: 'Moet je daar eens kijken!' Dan wees ze expliciet naar een grote rij bomen, een hoog gebouw of naar andere landschapvervuilers. Ik heb jarenlang nooit gesnapt waarom ze dat zei, maar uiteindelijk begreep ik dat wanneer zij dat riep ik eigenlijk de andere kant op moest kijken, omdat daar een grote paal met een hele grote M erop stond. De M heeft een onwijze aantrekkingskracht op kinderen en nog steeds op mij.
De M heeft met mij, zoals met zoveel sporters een haat-liefdeverhouding. Heel vaak rij ik er langs en heel vaak moet ik mijzelf in bedwang houden om niet mijn richtingaanwijzer naar rechts te bewegen, de auto de afrit op te sturen om daarna vol schaamte een grote bestelling te doen waar een heel weeshuis in Afrika van kan eten.
 
Nou ja, eten. Het is schransen. Ik vreet me helemaal vol om mijzelf daarna te zweren dat ik de eerstkomende tijd niet weer langs de M ga. Terwijl ik me dat tegen mijzelf hoor zeggen weet ik gelijk al dat ik die belofte geen maanden vol zal houden, want die gele grote M trekt bij iedere afslag als een magneet aan het stuur van mijn auto.
 
Veel sporters zweren dat ze nooit bij de M eten, maar dikwijls zie je grote groepen sporters in de rij staan voor een Big Mac, Big Tasty of Mc Nuggets. De derde helft wordt steeds vaker gevierd met een grote Franse frietjes, een grote milkshake aardbei en een of andere burger op een te klef broodje, met verlepte augurk en uit plastic gesneden stuk kaas. Om bij de laatste ronde een heerlijk Mc Flurry te bestellen, waarvan de stukjes M&M heerlijk tussen je holle kiezen gaan zitten.

Jaren geleden, toen ik in het Nederlandse team voor Open Water zwemmen zat, (toen noemden ze dat de nationale selectie langebaan, of zoiets ), hadden we ooit een trainingsweekendje waarbij we overnachtten bij Bodegraven. We zaten in een hotel langs de snelweg, dat op een steenworp afstand stond van een M op een paal. Vanuit de hotelkamer scheen de grote gele M voortdurend door mijn hotelkamerraam en ik kon hem niet negeren. Met een aantal andere Open Water zwemmers wilden we naar de M. Het was al laat, te laat om in het restaurant te kunnen zitten, dus moesten we al lopend door de Mc Drive een bestelling doen. Ook konden we niet door de hotel in- en uitgang naar buiten, omdat we wisten dat onze trainers nog in de bar met elkaar zaten te drinken. Uiteindelijk klommen we via de regenpijp naar buiten en als een volleerd korps mariniers slopen we naar de M.

Toen we terugkwamen moesten we ook weer via de regenpijp naar onze kamers. Iedereen was al binnen toen ik als laatste mijn kamer in probeerde te klimmen. Ik verloor mijn evenwicht en viel van twee hoog naar beneden. Dat maakte zo'n lawaai dat Gerard Meurs zijn hoofd uit het raam stak en mij verbaasd aankeek. Ik zei dat mijn handdoek, die half uit het raam hing te drogen, naar beneden was gevallen en ik hem wilde ophalen. Niet wetende dat naast mij de zak van Mc Donalds half open was gesprongen en de Franse frietjes, een uiteengevallen burger en een opengesprongen fritessaus naast mij lagen. Gerard Meurs zei niks, maar sloot het raam. De volgende ochtend zwom ik de zwaarste training die ik ooit heb gehad. Achteraf baalde ik dat ik de grote M niet had kunnen weerstaan.