column week 34: Zwemmen langs Walcheren

Ik heb altijd geleerd dat je pas over iets mag oordelen als je het met eigen ogen hebt gezien.
Toch moet ik eerlijk bekennen dat ik een oordeel over ‘die Zeeuwse Zeetochten’ had. Al jaren komen de verslagen van Peter Rotte op NOWW voorbij, maar nog nooit was ik er geweest.

Door die verslagen had ik inmiddels wel een beeld gevormd van hoe de zeetochten er uit zouden zien. Zwemmers verzamelen zich op het strand, ergens in het water wordt een grote gele boei gelegd, iemand van de organisatie zet met zijn voet ergens een streep in het mulle zand en pas als iedereen achter die streep staat wordt er gestart. Jarenlang waren de winnaars al bekend: De Riddertjes. De laatste jaren hebben ook andere Open Water Zwemmers de weg naar Zeeland gevonden en behoren Koen Florijn, Jan-Willem van der Graaff en Desirée Emmen tot beroemdheden in de zeetochten.

Op internet kon ik lezen dat er steeds meer deelnemers voor deze zeetochten kwamen, maar de meeste namen waren voor mij onbekend. Waarschijnlijk veel Zeeuwse triatleten, maar niet de Open Water Zwemmers die je aan de start ziet in bijvoorbeeld Hoorn, Strijen of Oosterhout.

Afgelopen jaar werd ik al eens gepolst of ik niet mee wilde doen, maar ik kon me niet voorstellen dat ik het niet erg zou vinden om eerst drie uur in de auto heen en daarna drie uur in de auto terug te moeten zitten om een zeetocht te zwemmen. Toch groeide mijn nieuwsgierigheid. Dat kwam door Amy van Lier en Jan-Willem van der Graaff. Als zij mij vertelden over de zeetochten kregen ze een bepaalde twinkeling in hun ogen, die ik niet eerder bij hun had gezien. Ook wilde ik wel eens van dichtbij meemaken hoe het was om Koen Florijn echt hard te zien zwemmen, want op de zeetochten blijken bij hem alle remmen los te gaan en komt het zwembeest naar boven.

Aangezien je afgelopen zaterdag kon kwalificeren voor de oversteek tussen Zeeuws-Vlaanderen en Walcheren, leek het mij leuk om mee te doen. En deze oversteek zou dan ook mijn enige oversteek worden omdat Bianca de Bruijn mijn eventuele aspiratie om ooit een Kanaaloversteker te worden hardgrondig te niet had gedaan door anderhalve week daarvoor te laten zien dat je echt gek moet zijn om zo’n oversteek te willen doen, maar dat terzijde.

Ik had gehoord dat je bij de zeetochten gewoon op de avond van de tocht kon aanmelden bij Thiery Potin. Zo ging ik op goed geluk na de wedstrijd in Heerjansdam naar Zeeland. Door zo’n vervelend landbouwvoertuig, dat niet harder reed dan twintig op een weg waar je tachtig mocht en het feit, dat het toch echt wel meer dan vijfhonderd meter lopen was van de parkeerplaats naar het strandpaviljoen waar de start was, kwam ik nog net op tijd aan. Verwoede pogingen van Niek de Ridder om zijn ballenknijper aan mij uit te lenen en de juiste persoon van de organisatie te vinden om mij toestemming te geven om te mogen starten mislukten en ik werd slechts toeschouwer.

Nu kon ik wel zelf ondervinden of mijn mening, gebaseerd op verhalen en eigen ideeën klopte. En ik moet eerlijk zeggen; ze kloppen. Er wordt inderdaad een boei in het water gegooid. Er wordt een startstreep met de voet gemaakt. En Koen Florijn kan inderdaad ineens keihard zwemmen. En ik zag de start, waar 160 man tegelijk het water in rent, de finish plek waar publiek staat, en dan niet alleen papa’s en mama’s en andere bekenden van de zwemmers. Ik heb in de verte de volgboten aan zien komen en uiteindelijk het gespartel van de zwemmers, toen ze van midden op zee bij het strand aankwamen. Om nog maar te zwijgen van het laatste stuk hardlopen naar de finish. Een geweldig spektakel, een geweldig zwemfestijn. Televisieploegen staan de zwemmers op te wachten om hun eerste reactie, een speaker die alle namen kent van de zwemmers, die een voor een binnenkomen, de kwallen die nog half aan bril en badmuts hangen en het omkleden op het strand en de Zeeuwse zandkorrels die de volgende dag ongetwijfeld nog in de sokken terug te vinden zijn.

Ik weet niet hoe ik het ga doen, maar volgend jaar ben ik er bij en zal ik deelnemen aan de zeetochten. Desnoods ga ik vier maanden lang met mijn tentje op een Zeeuwse camping staan, maar ik wil er bij zijn. Ik wil rennend het water in gaan, ik wil verslagen worden door Koen Florijn. Ik wil bulten op mijn armen krijgen door alle kwallenbeten, ik wil al rennend finishen. Ik wil na mijn laatste stap uitgeput over de finish vallen, met mijn gezicht in het zand en het zand in mijn mond. Ik wil zwemmen langs Walcheren.

Bekijk voor meer informatie de website: www.zwemmenlangswalcheren.nl