Scheldebekerwedstrijd (10) - 1936

             De Scheldebekerwedstrijd. (10).

 Samenvatting.
Op 18 juli 1936 gaan slechts 14 deelnemers van start voor de 6e Westerschelde oversteek, van Breskens naar Vlissingen. Vooraf is er binnen het Comité veel te doen geweest over risico's en verantwoordelijkheid. Verder moet er vervanging geregeld worden voor de absentie van de Marine (materieel en personeel). Het Olympische jaar, dat voor de Nederlandse zwemdames zo ongekend succesvol in Berlijn zal verlopen*1 heeft z'n invloed op de deelname aan de Scheldebekerwedstrijd. De heftige storm, die enkele dagen tevoren nog een spoor van vernieling over Nederland trekt, komt bijtijds tot rust. De wedstrijd ontwikkelt zich gunstig. Twee man laten zich voortijdig in hun boot hijsen. De andere 12 deelnemers finishen in record tijden.

 
                       De Scheldebekerwedstrijd van 1936.

Vergadering Z.Z.K.
Tijdens de Algemene Vergadering van de Zeeuwse Zwemkring begin maart, heeft het zittende bestuur plaats gemaakt (waaronder D.W. Toussaint) voor een geheel nieuw en verjongd bestuur.*2  De aftredende Van Woelderen, voorzitter sinds de oprichting van de Z.Z.K. in 1932, wordt bedankt met het ere-voorzitterschap.

Vergadering Scheldebekercomité.
Op dinsdag 5 mei komt het Scheldebekercomité ter vergadering op het Stadhuis van Vlissingen om zich te beraden over de organisatie van de Scheldebekerwedstrijd 1936.
Voor 1936 hebben zitting in het Comité:
- C.A. van Woelderen, voorzitter en Burgemeester van Vlissingen;
- M.C. van Hall, secretaris/penningmeester, Directeur N.V. Haven Vlissingen
- R.H. Arntzenius, Directeur Nederlands Loodswezen Vlissingen;
- L.M.J. Stroobrants, Directeur Belgisch Loodswezen;
- A. Smit, Directeur Kon. Mij. "De Schelde" ;
- G.J. Bensink, Directeur v/d Stoomvaart Mij. "Zeeland" ;
- H.J. van der Stad, Ondercommandant Kon. Marine te Vlissingen;
- J.J. van der Jagt, Directeur Zeeuwsche Gas Mij. en voorzitter VZC;
- Dr. A. Staverman, leider medische staf, chirurg en voorzitter VRB;
- P. Zwaal, leraar Zeevaartschool.

* Van Hall wordt benoemd als nieuwe secretaris/penningmeester en volgt daarmee D.W. Toussaint, hoofdinspecteur van Politie, binnen het Comité op. (Laatstgenoemde is bij Koninklijk Besluit van 18-4-1936 benoemd tot Districtscommandant der Rijksveldwacht te Leeuwarden.);
* 18 Juli 1936 komt als de meest geschikte wedstrijddatum uit de bus.
* Naar de uitdrukkelijke wens van de KNZB., zal de wedstrijd weer onder auspiciën van de Z.Z.K. plaats hebben.
* Van Jan Stender is een brief ontvangen waarin hij, vanwege het niet doorgaan van de wedstrijd in 1935, aanspraak maakt op de Scheldebeker, daar hij bij deze 3e wedstrijd niet heeft verloren.
*De rest van de vergadering staat in het teken van risico's, verantwoordelijkheid bij schade en letsel.
De Kon. Marine en het Loodswezen hebben ernstige bedenkingen tegen het leveren van materieel en manschappen, tenzij er duidelijke afspraken worden gemaakt. Voor de Scheldebeker-organisatie zijn dit wel de twee belangrijkste hofleveranciers!
Met name Artzenius brengt een aantal brandende punten ter tafel. Zijn verantwoordelijkheid en betrokkenheid bij de schadeafwikkeling tussen het Loodswezen en de Marine, van het aanvaringsincident tijdens de Scheldebekerwedstrijd 1934 tussen een mijnenveger en een betonningsvaartuig, zijn ongetwijfeld debet daaraan.
Arntzenius vraagt, dan wel dringt aan:
-- op een vermindering van het aantal deelnemers;
-- de jollen met roeiers zoveel mogelijk te vervangen door motorvaartuigen;
-- om alleen jollen in te zetten met voltallige roeiers, anders niet;
-- om geen reis- en verblijfkosten meer te vergoeden, tenzij de wedstrijd niet doorgaat;
-- wie draagt de strafrechtelijke of civielrechtelijke verantwoordelijkheid bij eventuele verdrinking van zwemmers, matrozen of andere bij de wedstrijd betrokken vrijwilligers? Wenselijk is de deelnemers een verklaring te laten tekenen dat zij op eigen risico meedoen. Doch hiermee is de verantwoordelijkheid jegens zijn familie en een redder of roeier niet gedekt. Duidelijk moet blijken dat de Zeeuwse Zwemkring verantwoordelijk is.
Een verzekering dient overwogen te worden, voor alle bij de wedstrijd betrokken mensen.  Voorzitter van Woelderen stelt voor hierover contact met het hoofdbestuur van de KNZB. op te nemen.
Toussaint (is ook secretaris/penningmeester van de VRB.) deelt mee dat de leden van de reddingsbrigade reeds zijn verzekerd. Volgens hem sluit het feit dat vrijwillig wordt deelgenomen of meegeholpen aan de wedstrijd uit, dat in geval van een ongeluk, de ZZK. voor eventuele uitkeringen aansprakelijk zou zijn. De doktoren gaan toch ook voor eigen risico mee. Een verzekering voor enige honderden deelnemers/medewerkers zou te kostbaar worden.
Kernpunt voor Arntzenius in deze kwestie is, dat vastgesteld moet worden dat niet het Comité de verantwoording draagt en ook niet de commissie, die over het al of niet doorgaan van de wedstrijd beslist.
Dr. Staverman zegt, dat het gaat om drie categorieën: de zwemmers, de vrijwilligers en diegenen die feitelijk in dienst medewerken (Loodswezen en Marine). Hier moet een uitspraak van de Minister gevraagd worden of deze de aansprakelijkheid bij ongevallen op zich neemt (Opm.: Het Loodswezen ressorteerde in die jaren onder het Ministerie van Defensie);
--  maakt bezwaar tegen het telken jaren ten laste van den lande nemen van de onkosten van vervanging en belopen schade. Hij wil geen materiaal beschikbaar stellen tenzij de ZZK. zich bereid verklaart de schade te vergoeden, of tenzij onze voorzitter van de Minister toezegging krijgt dat deze er zijn goedkeuring aan hecht dat alle kosten van vervanging en schade veroorzaakt door de medewerking van het Loodswezen en de Marine ten laste van den lande gebracht worden.

Besluiten van de vergadering.
-- Het Comité gaat akkoord met een brief gericht aan de Minister met daarin de vraag of de Ondercommandant van de Marine en de Directeur van het Loodswezen te Vlissingen hun medewerking mogen geven, waarbij de kosten en verantwoording voor de betrokken diensten zijn.
-- Na de verplichte lichamelijke keuring door de arts zullen de zwemmers een verklaring tekenen, dat zij voor eigen risico deelnemen aan de wedstrijd.
-- Niet toe te geven aan het verzoek van de heer Stenders.
-- Er zullen voor 15 deelnemers boten worden uitgerust, derhalve maximaal 15 zwemmers.
Deelname staat open voor de vorige winnaars (3), een zevental welke de beste tijden gemaakt hebben en de resterende vijf, door zwemmers die reeds hun sporen hebben verdiend. Een voldoend aantal dames krijgt de gelegenheid om mede te dingen. De selectie zal niet aan vaste regels worden onderworpen.
De selectiecommissie bestaat uit: Dr. Staverman, dhr. van der Jagt en dhr. van Hall.
Toussaint adviseert om dit jaar alleen zwemmers uit België en Engeland uit te nodigen en niet uit Frankrijk en Duitsland.

Ministeriële toezegging.
Secretaris van Hall stelt een brief (d.d.8 mei 1936) op, gericht aan Zijne Excellentie Minister van Defensie te 's Gravenhage, met als bijlage het draaiboek van de Scheldebekerwedstrijd van 1935. Alvorens de brief te versturen stelt hij hem eerst in handen van de Schout-bij-Nacht Commandant der Marine te Willemsoord en de Directeur van het Loodswezen te Vlissingen, R.H. Arntzenius, met de vraag om hun beschouwing en raad aan de brief toe te voegen.
Op 4 juni verklaart de Schout-bij-Nacht te Willemsoord de brief voor gezien, onder aantekening dat met het advies van de Ondercommandant der Marine te Vlissingen wordt ingestemd.
Loodswezendirecteur Arntzenius voegt er (d.d. 8 juni) nog een uitgebreide toelichting aan toe. Zijn slotzinnen:
--" De mogelijkheid is niet uitgesloten, dat een jol omslaat, waardoor de loods te water geraakt, of dat hem op andere wijze iets overkomt, waardoor de loods tenslotte ongeschikt wordt verklaard voor verdere waarneming van zijne betrekking.
   Ik zoude het aanbevelenswaardig achten dat zulks een loods eventueel in aanmerking zoude kunnen komen voor verhoogd invaliditeitspensioen, in analogie met het in de laatste alinea van punt1, sub d van art.48 der Pensioenwet bepaalde voor loodsen dienstdoende bij eene poging tot redding van schipbreukelingen, weshalve ik verzoek deze mogelijkheid te overwegen."--

 Uiteindelijk, op 13 juli (op 18 juli is de Scheldebekerwedstrijd) ontvangt Antzenius het finale antwoord (d.d. 9 juli, ) uit 's Gravenhage, van het Departement van Defensie. Daarin staat:
-- " ...., dat de assistentie door het personeel en het materieel over het Loodswezen enz. verleend bij het houden van de zwemwedstrijden om de Scheldebeker, beschouwd zal worden als te zijn een dienstverrichting. " --.

De voorbereidingen.
In 1936 heeft de Koninklijke Marine haar manschappen en schepen niet beschikbaar gesteld voor de Scheldebekerwedstrijd. Uit het bovenstaande zou men kunnen opmaken dat de late toezegging van de Minister daarvoor de reden is. Waarschijnlijker is de reden van hun afwezigheid, de grootscheepse oefening op de Noordzee gedurende de hele voorafgaande week.
Het gemis aan de belangrijke Marineschepen kan deels opgevuld worden door de Vereniging voor Watertoerisme "De Schelde", die haar vaartuigen beschikbaar stelt. Leden van de Vlissingse roeivereniging "Luctor et Emergo" zullen zoveel mogelijk de matrozen als roeiers vervangen.
De Provinciale Stoomboot Dienst zet (tegen een vergoeding van fl.100,-)  weer één van haar schepen in, waarop betalende toeschouwers (50 cent, incl. lot: 60 cent, kinderen< 12 jaar: 25 cent) de gehele wedstrijd van dichtbij kunnen volgen. Ditmaal de veerboot "Luctor et Emergo".

De deelnemers.
Er doen 15 deelnemers mee, 5 dames en 8 heren.
Daaronder Jan Stender, de winnaar van 1932 en 1934. Hij kan dus de wisselbeker bij winst voorgoed mee naar Hilversum nemen. Inmiddels doet Jan al voor de vijfde keer mee.
Het Comité heeft zijn uiterste best gedaan (via Wm.Müller & Co in Londen, hoofdagent voor Stoomvaart Mij. Zeeland, dienst Vlissingen-Harwich) om een aantal sterke Engelse deelnemers aan de start te krijgen. Maar Fred Milton*3, hard in training als één van de gegadigden voor de Britse Olympische (waterpolo)ploeg, schrijft begin mei tot zijn spijt de invitatie te moeten afzeggen. Hij krijgt geen permissie van het O.S. comité om aan de Scheldebekerwedstrijd mee te doen. De race zou zijn snelheid te nadelig beïnvloeden, evenals de gezamenlijke teamtrainingen. Om vrijwel dezelfde reden kan ook zijn vrouw, Irene Milton-Pirie*4 geen gevolg geven aan de invitatie. Zij is opgenomen in het Canadese Olympische team voor Berlijn en vertrekt binnenkort naar Toronto om daar te trainen.  Edward Temme*5, de winnaar van 1933, is sinds kort zakelijk directeur over een aantal zwembaden in Londen en omgeving. Het kost Temme al de grootste moeite kosten om zich vrij te maken om met het Britse poloteam naar Berlijn te gaan, laat staan ook nog eens mee te doen aan de Scheldebekerwedstrijd, zo schrijft Fred Milton verder in zijn brief.
Het worden uiteindelijk de heren Jim Godwin uit Brighton en Cecil Deane uit Londen, die mee zullen doen. Ze zullen in het beste hotel van Vlissingen, Britannia, worden ondergebracht  De algemene verwachting is dat de winnaar uit het voornoemde trio zal komen.
Op oudgediende Frans Kuijper hoeft men niet meer te rekenen. Zijn bemoeienissen (in 1935 aangesteld als trainer) met het Nederlandse poloteam, zeker in dit Olympische jaar, zijn te groot geworden om zelf nog actief aan de Scheldebekerwedstrijd deel te nemen.
Veteraan A.van der Meer (52 of 54) uit Den Haag is, evenals in 1934 en 1935, wel naar Vlissingen afgereisd. G. van Loo uit Middelburg mag zich zo langzamerhand ook een beetje veteraan noemen. Ware het niet dat 1935 werd afgelast, dan ging hij nu voor de vijfde keer van start.
Een opmerkelijke verschijning: voor het eerst zwemmen tegelijk een vader en zijn zoon mee, de heren J.H. van Dimmelen senior en J.H. van Dimmelen junior uit Hilligersberg.
Bij de dames is men benieuwd of de beide plaatselijke talenten, Annie Bijsterveld*6 en B. van den Broeke, het de favoriete Nel Roelans uit Rotterdam nog moeilijk kunnen maken. Evenals Van Loo begint ook de nog maar 20-jarige Annie voor de vierde keer aan dit zwemavontuur.
Op de reservelijst staan dhr. A.Wattel uit Grijpskerke en mej. S. Brouwer uit Rotterdam.

De wedstrijdomstandigheden.
Op de woensdagavond voor de wedstrijd trekt een plotselinge, heftige storm, gepaard gaande met felle onweersbuien en bliksem over grote delen van Nederland. Ze veroorzaakt een enorme ravage met veel materiële schade. Minstens vier mensen verliezen het leven door omvallende bomen
Daarentegen zien de omstandigheden er op de wedstrijddag redelijk uit. De hemel is bewolkt. Er staat nog een stevige Z. tot ZW. wind. Er is sprake van een woelige zee met flinke golfslag. Maar voor de zwemmers lopen de golven mee in de zwemrichting en dat is niet direct ongunstig. De watertemperatuur bedraagt een kleine 18 graden C..
Voor Vlissingen geven de getijdetabellen hoog water aan om 14.11 uur. Wel is het de verwachting dat, door de nog krachtige,van zee komende wind, de vloedstroom naar het oosten langer zal aanhouden en dus het geplande starttijdstip van 13.30 uur naar later zal verschuiven. Deze zaterdag is het juist volle maan, dus twee dagen voor springtij.

De wedstrijddag.
De per trein komende deelnemers worden opgevangen en samen met de regionale zwemmers gekeurd in de ziekeninrichting van de Marine. Deze keer door de artsen Wolters, Krul, Staverman en Broekhorst.
Pech ditmaal voor de jeugdige zwemster B. van den Broeke. Ze wordt niet goed gekeurd. Vervolgens ook pech voor eerste reserve A. Wattel. Hij kan niet invallen wegens een defect aan één van de begeleidingsboten.
Gedurende de overvaart naar Breskens op de Belgische Loodstender, vindt weer het gebruikelijke invetritueel plaats. Anders dan in voorgaande jaren, stappen de deelnemers nu in de haven van Breskens over in de hun toegewezen jollen. In het oppertje van de haven wordt alles al startklaar gemaakt. In een lange rij achter elkaar, worden vervolgens de 14 jollen door de tonnenlegger van het Nederlands Loodswezen naar de startplaats voor de vuurtoren van Nieuwesluis gesleept, zo'n 2 mijl verder op. Alle jollen zijn dit jaar weer door het Loodswezen beschikbaar gesteld. Nu geen marinematrozen aan de riemen, maar leden van de roeivereniging "Luctor et Emergo" uit Vlissingen; vier per boot. Verder daarin, een loods als stuurman plus een lid van de reddingsbrigade.

De wedstrijd.
Dit jaar is het de ervaren loods Kamermans, die het exacte starttijdstip bepaalt. Nu, zo tegen springtij aan, is de invloed daarvan op de zwemtijd extra groot. Dat wordt 14.04 uur, een half uur later dan aanvankelijk gepland. Vanaf de dichtbij liggende politieboot lost voorzitter-kamprechter J. de Jong het startschot. Tegelijk met een stoomfluitsignaal voor hen, die het startschot niet horen. De deelnemers springen de Westerschelde in: de wedstrijd is begonnen.
Het merendeel van de zwemmers kiest voor Jan Stender's rechtelijn-politiek, in plaats van de algemeen toegepaste stroombocht-methode. Dat is alleen voor de snelle zwemmers geschikt, voor hen die in staat zijn de overtocht te maken gedurende de korte periode van kentering. Ben je te langzaam, of is het startsein te laat gegeven, dan zal de opkomende, steeds sterker wordende ebstroom onder de Walcherse kust, je meevoeren, voorbij het finishpunt in Vlissingen.
Al snel na de start komt er tekening in de wedstrijd. De cracks lopen van meet af flink uit. De Engelsman Cecil Deane leidt met meters voorsprong op zijn landgenoot Jim Godwin, die op zijn beurt Jan Stender achter zich laat. Ook de navolgende groep zwemmers, met de wind in de rug geen last hebbende van golfslag in het gelaat, trekt flink door. Het gaat snel. Er zitten recordtijden in de bus.
Een dubbel gevoel ontstaat bij een aantal persmensen, die samen met de leden van het Comité, aan boord zijn van de tender van het Belgische Loodswezen. Lang genieten van de gastvrijheid van Inspecteur Stroobrants en het zoals gewoonlijk weer aangerichte, heerlijke buffet door burgemeester Van Woelderen, zal er dit keer niet bij zijn. Om 14.45 uur worden ze op het Roeiershoofd, voor de Vlissingse binnenhaven, aan wal gezet, om op tijd aanwezig te zijn op de finishplaats.
Intussen treedt de politieboot, met daarop een aantal juryleden, de VRB-leider en een arts, enkele malen op tegen vaartuigjes van toeschouwers die hinderlijk dicht in de buurt van zwemmers komen.
Als de wedstrijd ongeveer 25 minuten oud is, gaat in jol 11 de rode vlag omhoog: Van Dimmelen junior geeft op. Daarna is het alleen Versteeg nog, eveneens uit Hilligersberg, die de strijd staakt.
Alle jollen blijven steeds een 4 à 5-tal meters vóór hun zwemmer uitvaren. Dat is het consigne dat de loods/stuurman heeft meegekregen. Verder staat er in zijn taakomschrijving: 'Geen wenken geven dan in hoognodige gevallen aan de zwemmers, alleen als deze in verkeerde stroming zouden komen.'
Ook het reddingsbrigadelid in de jol 'dient zich te onthouden van eenige aanwijzingen aan deelnemers betreffende richting, stroom, hoofden, enz.'
 Met enige regelmaat steekt de VRB-opvarende een groot bord omhoog, met daarop het wedstrijdnummer van de deelnemer. Dit om de toeschouwers, zowel te water als op de kust, kenbaar te maken wie de zwemmer is. Met het besluit van de Marine om geen manschappen en materieel beschikbaar te stellen, ontbeert de wedstrijd en het publiek ook haar draadloos doorgeseinde informatievoorziening. Door medewerking van de Kustartillerie met haar seinmogelijkheden, leek ook dit probleem opgelost. Helaas voor het publiek, door de grote oefeningen gehouden in de voorafgaande week, heeft de tijd ontbroken om de toestellen goed uit te rusten. Jammer, het wordt algemeen als een groot gemis ervaren.

Het aanzicht van de Vlissingse Boulevard heeft dit jaar een grote verandering ondergaan met de bouw van de nieuwe Wandelpier (150m. lang en 30m. breed), even bezuiden het Badstrand. Op 30 mei 1936 is de Pier, met een achthoekig eindhoofd van circa 500 vierkante meter waarop een houten paviljoen staat, feestelijk geopend door de Minister van Waterstaat, Jhr. Ir. van Lidth de Jeude. Het uiteinde ligt op slechts 50 meter van de vaargeul, zeer frequent gebruikt door o.a. de grote zeeschepen van en naar de havens van Vlissingen en Antwerpen.
Op deze Scheldebekerdag hebben de betalende toeschouwers vanaf de Wandelpier een prachtig uitzicht op de hele entourage rondom het finishgebeuren, met al die vele, grote en kleine vaartuigjes op het water. Van verre ziet men de deelnemers al aankomen, vlak voorlangs de Pier onder hen door zwemmen, om vervolgens te finishen bij de hoge springtoren van het naastliggende Badstrand.

Terug naar de wedstrijd zelf.
Onverdroten, met het liedje "It's a long way to Tipperary" in z'n kop, blijft Cecile Deane in een stevig tempo doorgaan, het veld van zwemmers aanvoerend.
Mits er zich verder geen bijzonderheden voordoen, zijn halverwege de wedstrijd de plaatsen wat betreft de nummers 1, 2 en 3 wel al duidelijk. Geen spanning in die zin. Wel baren bij iedereen de zwemtijden opzien, ongeloof en bewondering: zo snel. Stroming, tijd en golfrichting zijn de deelnemers deze dag zeer behulpzaam/goedgunstig gezind.
Al na 1 uur en krap 2 minuten stapt de kleine, maar stevige gebouwde Cecil Deane onder de klanken van "God save the King" het strand op, om daar als eerste de felicitaties van voorzitter van Woelderen in ontvangst te nemen. Een nieuw record. Ruim 26 minuten sneller dan het vorige record van Jan Stender uit 1934. Verbazingwekkend. Het is voor de tweede keer dat de Scheldecup naar het trotse Albion verhuisd (1933: Edward Temme).
Bijna drie en een halve minuut later drukt wedstrijdleider van der Jagt, boven in de springtoren gezeten, de klok in voor Jim Godwin. Ten tweede male klinkt het Engelse volkslied. Kort daarna het Wilhelmus voor Jan Stender. Ook hij finisht ver onder zijn oude record, zo'n 21 minuten.
Achter de Tilburger Meijer (4e) komt de eerste dame binnen. Zoals verwacht is dat Nel Roelans. Ook zij verbreekt met opzienbarend groot verschil het oude damesrecord uit 1934 van de vermaarde Rie Olsen. Liefst met 25,5 minuten. Het vernemen van de forse recordverbetering van haar Rotterdamse clubgenote ontlokte bij Nellie spontaan een dansje van vreugdesprongen. Bovendien heeft ze daarmee de weddenschap met haar vader gewonnen en is een tientje rijker. Ze heeft er maar één woord voor over: "Zalig" .
De badmannen Chris Castel en Willem Roeting krijgen het even erg druk. Kort achter elkaar komen de zeven resterende deelnemers over de meet. Chris en Willem hebben tot taak middels een vlet de zwemmers (en eventueel ook de leden van de reddingsbrigade) vanaf de finishlijn t.h.v. de springtoren, naar de vaste wal te begeleiden, en hun koffers met kleding vanuit de jol naar de grote Padvinderstent op het strand te brengen. In deze grote tent is de medische dienst gevestigd. Daarin kunnen de zwemmers zich laten ontvetten en zich  medisch laten onderzoeken en zo nodig laten behandelen. In de tent zijn aanwezig: warme koffie,cognac, warm water, zeep, handdoeken, benzine, watten, enige petroleumstellen en enkele waskommen.
Alle 12 deelnemers eindigen binnen de vorige recordtijd van Stender. Al is dat voor de laatste, mej. L. Schol, slechts met 5 seconden.

De prijsuitreiking.
Deze vindt weer plaats in Hotel Britannia, om 20.30 uur.
Zoals gebruikelijk begint voorzitter Van Woelderen uitgebreid met woorden van dank aan allen, organisaties en personen, die tot het welslagen van het evenement hebben bijgedragen.
Hij wijst ook op de verantwoordelijkheid, welke door het Comité en de autoriteiten bij deze wedstrijd gedragen moet worden.
Overgaand naar het uitreiken van de prijzen benadrukt Van Woelderen eerst nog eens de schitterende prestaties die de deelnemers deze dag hebben geleverd en een hartelijk compliment volgt. Met voor iedere deelnemer een persoonlijk woord, reikt de voorzitter vervolgens de prijzen uit. Als verrassing volgt nog een extra prijs, een zilveren palmtak. Die is voor de beste Zeeuwse, Annie Bijsterveld, samen met een bos bloemen in de Vlissingse kleuren.
De nieuwe zilveren Scheldewisselschaal (incl. een replica als blijvende herinnering) wordt door de schenker zelf, dr. Staverman, met een humoristisch speechje overhandigd aan Nel Roelans, "Een levend voorbeeld van het mens sana in corpore sano. Een gezond lichaam en blijkens haar sprankelende ogen, ook van een gezonden geest".
Tenslotte, namens het Comité sprekend, roemt dr. Staverman de leiding in de persoon van burgemeester Van Woelderen, "die trots tegenspoed, steeds een onverbeterlijk optimist blijft. Immers, dit jaar verloor hij zijn rechterhand, den heer Toussaint, voor wie hij in den heer Van Hall een voortreffelijk opvolger wist te vinden; terwijl hij ook in het derven van de volledige hulp van de Marine wist te voorzien. Ik spreek de hoop uit dat "de ziel van het Comité " nog tal van jaren daaraan leiding zal mogen geven."
Rest de feestelijke dag nog de uitnodigende dansvloer van Britannia en vanaf 22.30 uur, een ruim half uur durende vuurwerkshow.

Vergoeding onkosten.
Voor de laatste keer worden reis- en verblijfskosten aan de deelnemers vergoed:
Jan Stender        fl.10,-
Deane/Godwin    fl.11,20
Nel Roelans        fl. 6,-
R. de Bel            fl. 1,-
Van der Meer      fl. 5,50
V. Dommelen      fl.10,-
3 man Tilburg      fl.12,-

 Uitslag 6e Scheldebekerwedstrijd 18 juli 1936.
-   1e  Cecil T. Deane, nr. 7 (Londen) 1.01.52 = nieuw record
-   2e  Jim (F.J.) Godwin, nr. 13 (Brighton)  1.04.20
-   3e  Jan Stender, nr. 8 (Dolfijn, Amsterdam) 1.06.56
-   4e  A. Meijer, nr. 4 (TZV, Tilburg) 1.11.20
-   5e  mej. Nel Roelans, nr. 3 (RDZ, Rotterdam)  1.17.08 = nieuw damesrecord
-   6e  R. de Bel, nr. 9 (Bruinvis, Sas van Gent)  1.21.37
-   7e  J.H. van Dimmelen sr., nr. 14 (SVH, Hilligersberg)  1.23.08
-   8e  A. van der Meer, nr. 10 (HZPC, Den Haag)  1.23.18 (=oudste dln.)
-   9e  mej. Annie Bijsterveld, nr. 6 (Zeehond, Vlissingen)  1.23.47
- 10e  G. van Loo, nr. 15 (Luctor, Middelburg) 1.25.15
- 11e  mej. R. Smits, nr. 12 (TZV, Tilburg)  1.25.16
- 12e  mej. L. Schol, nr. 2 (TZV, Tilburg) 1.28.03

Opgegeven (2):
-  J.H. van Dimmelen jr., nr.11 (SVH, Hilligersberg)
-  H.C. Versteeg, nr. 1 (Unitas, Hilligersberg).
Niet goedgekeurd:
-  mej. B. van den Broeke, nr. 5 (Zeehond, Vlissingen)
Aantal deelnemers: 14 (10H + 4D).

Voetnoten.
*
1  De Nederlandse zwemsters winnen 4 van de 5 zwemnummers voor dames op de O.S.
Voor Rie Mastenbroek 2 x Goud (100m. en 400m. vrije slag) en Zilver (100m. rugslag):
Nida Senff: Goud op de 100m. rugslag;
Bovendien Goud op de 4x100m. vrije slag met Jopie Selbach, Tini Wagner, Willy den Ouden en Rie Mastenbroek.

*2  Samenstelling nieuwe bestuur Zeeuwse ZwemKring:
-- M. Remerij (Sas van Gent)  voorzitter;
-- J. de Jong (Vlissingen) secretaris;
-- C.A. Minderhout (Middelburg) vice-voorzitter;
-- H. Kouwe (Breskens)  penningmeester;
-- J. Molema (Terneuzen) commissaris.

*3  Frederic "Fred" George Matt Milton (Marylebone, 21 okt. 1906 - aug. 1991).
Lid van "The Otter Swimming Club" uit Londen
Was een sterke Britse (lange-afstand)zwemmer en waterpoloër.
Op de O.S. van 1936 in Berlijn kwam hij uit voor de Britse poloploeg (8e).
Won tijdens de British Empire Games in 1930 zilver met de 4 x 200yards ploeg en werd 5e op de 400yards vrije slag.
In de Scheldebeker van 1933 werd hij tweede.
Freddy Milton was getrouwd met
*4  Irene Pirie (Toronto, 10 juni 1914 - Cheltenham, dec. 1998).
Irene was meervoudig Canadees Kampioen op de vrije slag.
Na haar vestiging in Engeland, Londen, kwam ze uit voor the Hammersmith Ladies Swimming Club.
Op de British Empire Games won ze: in 1930 (Hamilton) zilver met de 4 x 100yards ploeg,
in 1934 (Londen) goud (4 x 100yard vrije slag), zilver (100yard vrije slag) en brons (440yard vrije slag).
Op de Olympische Spelen van 1932 (Los Angeles) finishte Irene met de 4 x 100m.ploeg als vierde. Op de 100m. en de 400m. vrije slag werd ze toen in de series uitgeschakeld.
In Berlijn, op de O.S. van 1936, weer vierde met de 4 x 100m. vrije slag ploeg. Op de 100m. vrije slag kwam Irene niet verder dan de series.
In 1935 was ze samen met haar man naar Vlissingen afgereisd, maar de Scheldebekerwedstrijd werd toen afgelast.
In 1975 werd Irene Milton - Pirie opgenomen in de Canadian Olympic Hall of Fame.
Haar broer Bob Pirie is één van de bekendste Canadese zwemmers.
Samen kregen Fred & Irene Milton een zoon:
Hamilton Pierre Matt "Tony" Milton (Londen, 22 maart 1938 -    )
Met het Britse team 4 x 200m. vrije slag, behaalde hij een vierde plaats op de O.S. van 1960 (Rome), in een nieuwe Europese recordtijd. Tony was in 1966 de laatste winnaar van de Scheldebeker, waarom toen werd gezwommen in het Veerse Meer.

*5  Edward Harry Temme (Plaistow, 16 sept. 1904 - Padova, Italië, 26 juni 1977).
Hij was de eerste zwemmer die het Kanaal in beide richtingen overzwom: op 5 aug. 1927 van Frankrijk naar Engeland en van Engeland naar Frankrijk op 18 aug. 1934. Met het Britse waterpoloteam deed hij mee aan de Olympische Spelen van 1928 (Amsterdam) en van 1936 (Berlijn). In 1933 won Edward de Scheldebeker.

*6Annie Cornelia Bijsterveld (Vlissingen, mei 1916 - Vlissingen, 15 juli 1958).
Naast zwemmen was ze een verdienstelijk atlete als lid van "AV. '35".
Binnen deze vereniging waren ook haar vader en broer actief. Annie zelf is nog maar 15 jaar als haar moeder (47 jaar), in januari 1932 overlijdt.
Aan de Scheldebekerwedstrijd doet ze voor het eerst mee in 1932, als jongste deelnemer. Die van 1933 en 1934 volgen. Voor 1935 staat ze ook op de deelnemerslijst, maar de wedstrijd wordt afgelast. In 1936 gaat ze voor de vierde keer te water. Het zal haar laatste oversteek worden.
In 1939 trouwt Annie met Cornelis van Gelderen. Samen krijgen ze 15 kinderen. Annie sterft al vroeg, op de leeftijd van slechts 42 jaar. Haar jongste dochter, Diana, is dan nog maar een half jaar oud. Diana zal later, onder de naam Niemandsverdriet, rond de tachtiger jaren, furore maken als handbalspeelster in het nationale team.

 

(Goes, november 2014)
Piet Schop