'Moeder aller zwemsters', Edith van Dijk

bron: zwemkroniek
origineel: zwemkroniek
door: Jos van Kuijeren
datum: 03/05/2008, 16:03u

Bekijk ook de foto's in het orginele artikel: zwemkroniek

Edith van Dijk verwezenlijkte in Sevilla haar olympische droom, maar toen Luuk Blijboom voor Telesport onderstaand verhaal maakte, had de zwemster nog geen zekerheid. De foto's zijn genomen enkele uren voor de start. Fotograaf is de teammanager van de Nederlandse ploeg, Aad van Groningen.

Natúúrlijk kent ze die dooddoener over successen uit het verleden en de garantie die dat voor de toekomst biedt. Vertel haar iets, als afgestudeerd econome. Nul komma nul heeft Edith van Dijk aan haar zes wereldtitels en twee stuks Europees goud, als ze zich vandaag met 51 tegenstanders op een veel te kleine startvlonder meldt in de Guadalquivir, de rivier die het zomerse Sevilla doorklieft. Daarvoor zijn de belangen op de 10 kilometer van de WK open water te groot, weet ze als geen ander. Het wordt letterlijk vechten voor de vijftien te verdelen startplaatsen voor Peking. ,,Dit gaat waarschijnlijk de zwaarste race uit mijn leven worden.”

Gemoedelijk is het sfeertje bij zwemmers van de lange adem haast niet meer te noemen, sinds een plaatsje is ingeruimd in de schoot van de olympische familie. Van Dijk keert op 35-jarige leeftijd bij haar rentree bijkans terug in een geheel andere sport. ,,Er zijn meer deelnemers en er staat meer op het spel. Je merkt echt dat er agressief gezwommen wordt.”

In het Braziliaanse Santos werd ze in januari van dit jaar bijvoorbeeld met haar neus op de feiten gedrukt. Ze werd er horendol van het ‘draften’, waarbij op de voeten van de tegenstander wordt gezwommen. ,,Zwemmen in een groep vereist niet alleen techniek, maar ook collegialiteit. Er zijn er die profiteren van de anarchie die tegenwoordig heerst. Ik heb meegemaakt dat iemand bewust een ander een klap in het middenrif gaf. Het expres afslaan van het zwembrilletje van een tegenstander is ook iets dat je steeds vaker ziet.”

Spijt van de (eenmalige, zo benadrukt ze enkele malen met klem) terugkeer heeft ze echter allerminst. Eenvoudig is het niet altijd, als moeder van de achttien maanden oude Rosanne. ‘s Ochtends traint ze tussen zes en half negen. Dan is het eten, slapen en tussen 13.00 en 16.00 uur weer trainen. Vervolgens: naar de kinderopvang. Avondeten koken. Sesamstraat kijken. Tijd doorbrengen met echtgenoot (en oud-zwemmer) Hans van Goor. En om negen uur ’s avonds gaat ze vervolgens weer naar bed. ,,Langer dan een half jaartje is dit niet vol te houden.”

Ze heeft het er met alle liefde voor over. Sinds Seoel ’88 droomt ze er van ooit mee te mogen doen aan de Olympische Spelen. Voor Atlanta ’96, Sydney 2000 en Athene 2004 werd haar een worst voorgehouden. ,,Iedere keer ging het gerucht dat we eindelijk tot de Spelen zouden worden toegelaten, maar iedere keer eindigde het in een teleurstelling.” Haar indrukwekkende carrière in het open water speelde zich daardoor af in betrekkelijke anonimiteit, tot ze in 2005 werd uitgeroepen tot Sportvrouw van het Jaar. ,,Ineens hoorde er voor het grote publiek een gezicht bij de naam Edith van Dijk.” Het was een mooie oeuvreprijs. ,,Mijn carrière was af. Er viel in mijn discipline niets meer te winnen. Het was goed zo.”

Alsof het Internationaal Olympisch Comité het er om deed, werd drie weken na haar officiële afscheid bekend gemaakt dat Peking de primeur van het open water zwemmen krijgt. ,,Ik heb toen een paar keer flink gevloekt. Maar geen moment kwam het in me op dat ik ooit als een soort Heintje Davids zou terugkomen.”

Van Dijk raakte al snel in verwachting, ging door met aftrainen tot de vijfde maand van haar zwangerschap en maakte na de geboorte van de wolk van een dochter kennis met een kant van het leven die nimmer de hare was geweest. ,,Nooit geweten dat het zo leuk kan zijn om te winkelen.” Ze werd manager sportsponsoring van DSB Bank en maakte in het voorjaar van 2007 als bondscoach open water de WK in Melbourne mee. Down Under sloeg de twijfel alsnog toe. ,,Het viel me op dat het niveau er niet op vooruit was gegaan. Ik dacht: meedoen in Peking, waarom eigenlijk niet?”

Na anderhalf jaar inactiviteit hervatte ze de training, als vanouds aan de zijde van schoonvader en coach Jaap van Goor. ,,Ik was weer fris in mijn hoofd en beschikte over een uitgerust lichaam. Eigenlijk was ik beter dan op het moment dat ik stopte met zwemmen. De vraag was alleen hoe ver ik fysiek was teruggeworpen.”

Het antwoord op die vraag kreeg ze toen ze voor de eerste maal weer van het startblok ging. ,,Ik lag in het zwembad van Hoorn in het water met jochies van een jaar of tien. Die gingen op de rugslag harder dan ik op de vrije slag.” Kansloos voelde ze zich echter geen moment. ,,Vergeet niet dat ik vijftien jaar lang heel veel heb getraind. Die ontelbare kilometers zitten nog steeds in je lichaam, dat spiergeheugen raak je nooit kwijt. Dat is ook de reden waarom ik op niveau kan terugkomen. Als je vanaf het nulpunt begint, ben je volslagen kansloos.”

Ze heeft slechts een indicatie waar ze momenteel staat. ,,In Santos werd ik elfde en finishte ik als eerste Europese, terwijl bijna de hele wereldtop aanwezig was. Als ik de olympische kwalificatie-eisen op die wedstrijd projecteer, had ik me daar geplaatst voor Peking.”

De zonovergoten hoofdstad van Andalusië krijgt nog geen Edith van Dijk in topvorm te zien. ,,Ik zit op zo’n 90 tot 95 procent van mijn oude niveau”, schat ze zelf in. Ze heeft de voorbije maanden kennis gemaakt met de beperkingen die een ouder lichaam met zich meebrengt, al blijven haar werkweken bovenmodaal.

,,Waar ik vroeger 80 tot 90 kilometer per week zwom, moet ik het nu doen met 70 kilometer. En op drie weken hoogtestage kom ik tot een totaal van 250 kilometer, in plaats van 280 kilometer.” Nog wekelijks maakt ze progressie. ,,Een training van tien of elf kilometer levert me fysiek geen enkel probleem meer op. In vergelijking met het begin van mijn comeback ben ik zo’n drie tot vijf seconden sneller per 100 meter.”

Er zijn vervelender slotakkoorden denkbaar dan een olympisch avontuur. Ze weet wat er van haar verwacht wordt, vandaag op het terrein van de Expo van 1992 in Sevilla en – hopelijk – over drie maanden in Peking. Aardige vent hoor, die baron Pierre de Coubertin, daar niet van. Maar sporten in de geest van de grondlegger van de moderne Olympische Spelen, nee, daar bedankt ze voor. ,,Meedoen om het meedoen, da’s niets voor mij. Ik wil het beste uit mezelf halen. Winnen. Al die opofferingen mogen niet voor niets zijn geweest.”